Tuin bestraten: zo doe je het stap voor stap

Je tuin bestraten is goed te doen als je een duidelijk stappenplan volgt. Met de juiste voorbereiding, materialen en wat doorzettingsvermogen leg je zelf tuintegels zonder dat je een vakman nodig hebt. Hieronder lees je precies hoe je te werk gaat, waar de meeste fouten worden gemaakt en wanneer het toch slimmer is om een professional in te schakelen.

Voorbereiding: het fundament van een goede bestrating

Een bestrating die recht blijft liggen, begint onder de grond. Sla deze stap niet over, want slechte ondergrond is de belangrijkste oorzaak van verzakte of scheve tegels. Graaf de bodem af tot een diepte van ongeveer 30 tot 40 centimeter onder de gewenste eindhoogte. Hoe diep precies hangt af van of er auto’s overheen rijden (dieper) of alleen mensen lopen (minder diep).

Verdicht daarna de kale grond met een trilplaat of stamper. Vul de ruimte op met een laag grof grind of straatzand als fundering, gevolgd door een laag scherp zand van zo’n 5 centimeter waarop je de tegels daadwerkelijk legt. Controleer tussendoor steeds de hoogte met een waterpas en een lang richtlat. Zorg ook dat de bestrating licht afhelt, ongeveer 1 tot 2 centimeter per meter, zodat regenwater wegloopt en niet op het terras blijft staan.

Welke materialen heb je nodig?

Voor een gemiddeld terras of pad heb je in ieder geval het volgende bij de hand:

  • Tuintegels of klinkers (naar keuze: beton, natuursteen of gebakken klinkers)
  • Straatzand of voegzand
  • Grind of steenslag als funderingslaag
  • Waterpas en richtlat
  • Rubber hamer en tegelknipper of slijptol
  • Trilplaat (te huur bij de bouwmarkt of verhuurbedrijf)
  • Touw en paaltjes om rechte lijnen uit te zetten

Bereken de hoeveelheid tegels door de oppervlakte in vierkante meters te vermenigvuldigen met het aantal tegels per vierkante meter. Bestel altijd 5 tot 10 procent extra voor breuk en maatwerk aan de randen. Dat voorkomt dat je halverwege tekortkomt en een nieuwe partij moet bijbestellen die net een andere kleurschakering heeft.

Tuin bestraten: stap voor stap de tegels leggen

Begin in een hoek en werk vandaaruit naar buiten, zodat je niet over pas gelegde tegels hoeft te lopen. Zet het startpunt nauwkeurig uit met touw langs twee kanten, zodat je eerste rij kaarsrecht ligt. Die eerste rij bepaalt de rest van het patroon.

Leg elke tegel voorzichtig op het zandbed en tik hem met de rubber hamer op zijn plek. Controleer na elke paar tegels met het waterpas of je nog recht en vlak zit. Laat een voeg van 3 tot 5 millimeter tussen de tegels, tenzij je kiest voor een gesloten voeg. Snijd tegels op maat met een tegelknipper (voor kleinere aanpassingen) of een slijptol (voor recht en nauwkeurig werk). Draag bij het slijpen altijd een stofmasker en een veiligheidsbril.

Is de hele bestrating gelegd, ga dan over het oppervlak met de trilplaat. Dit zet de tegels stevig vast in het zand. Strooi daarna voegzand over het oppervlak en veeg het in de voegen. Herhaal dit een paar keer totdat alle voegen volledig gevuld zijn. Spoel het resterende zand weg met een tuinslang.

Veelgemaakte fouten bij het bestraten

De fundering te dun maken is de meest voorkomende fout. Als de ondergrond niet stabiel is, zakken tegels weg, zeker na een natte winter. Een tweede valkuil is het vergeten van de afschot (het lichte hellinkje). Zonder afschot blijft regenwater staan en dat geeft vlekken, mos en in de winter gladheid door bevriezing. Let ook op bomen of grote struiken in de buurt: wortels kunnen na een paar jaar je bestrating omhoogdrukken.

Wie te snel werkt en niet regelmatig controleert met het waterpas, heeft achteraf grote kans op een golvend oppervlak. Dat is lastig te herstellen zonder een groot deel opnieuw te leggen.

Zelf doen of een vakman inschakelen?

Zelf je tuin bestraten bespaart op arbeidskosten, maar kost tijd en vraagt fysieke inspanning. Een klein terras van 20 vierkante meter is voor de meeste mensen prima zelf te doen in een weekend. Bij grotere oppervlakten, moeilijke lagen zoals klei, of complexe patronen en maatwerk is het verstandig om een stratenmaker te vragen. Een vakman heeft de juiste machines en ervaring om ongelijkmatigheden in de ondergrond goed op te lossen.

Met een goede voorbereiding, de juiste materialen en geduld leg je zelf een nette, duurzame bestrating. De sleutel zit in de ondergrond: besteed daar de meeste tijd aan en de rest valt vanzelf op zijn plek.

Scroll naar boven