Zo maak je jouw tuin een thuis voor insecten

Een insecten vriendelijke tuin beginnen is makkelijker dan je denkt, maar het verschil dat je maakt is groot. Bijen, vlinders, zweefvliegen en kevers hebben het de laatste decennia steeds moeilijker gekregen. Door het gebruik van bestrijdingsmiddelen, minder bloeiende planten en steeds meer verharding in tuinen en steden, zijn er minder plekken waar insecten kunnen eten, schuilen en nestelen. En dat is een probleem, want zonder insecten bestuiven veel planten en bloemen niet meer. Bijna driekwart van alle voedselgewassen is afhankelijk van bestuiving door insecten. Wie zijn tuin aanpast, helpt niet alleen de natuur, maar zorgt ook voor meer leven en kleur om zich heen.

De juiste planten trekken de juiste beestjes aan

Niet elke bloem is even aantrekkelijk voor bestuivers. Gevulde bloemen, zoals sommige rozen en dahlia’s met veel bloemblaadjes, zien er mooi uit voor mensen, maar bieden nauwelijks nectar of stuifmeel voor insecten. Bijen en vlinders hebben juist open, toegankelijke bloemen nodig. Goede keuzes zijn lavendel, klaproos, korenbloem, veldgentiaan en wilde marjolein. Het is slim om planten te kiezen die in verschillende seizoenen bloeien. Begin met vroege bloeiers zoals wilg en krokus, zodat bijen al in het vroege voorjaar voedsel vinden. Eindig het seizoen met klimop of heide, die tot ver in de herfst bloeien. Op die manier is er bijna het hele jaar door iets te halen voor insecten in jouw tuin.

Bestrijdingsmiddelen en gif horen niet in een natuur vriendelijke tuin

Gif is een van de grootste bedreigingen voor insecten. Veel bestrijdingsmiddelen doden niet alleen de plaagdieren waar ze voor bedoeld zijn, maar ook nuttige soorten zoals bijen en lieveheersbeestjes. Zelfs als een plant in de winkel er gezond uitziet, kan die behandeld zijn met insectengif. Bij de aankoop van planten, bloembollen of zaden is het daarom goed om te kiezen voor producten met een biologisch keurmerk. Die zijn zonder chemische bestrijdingsmiddelen geteeld. Thuis in de tuin kun je onkruid het beste met de hand verwijderen of laten staan als het niet hinderlijk is. Brandnetel bijvoorbeeld is een voedselbron voor rupsen van de dagpauwoog en het gehakkelde aurelia. Wat er rommelig uitziet, heeft voor de natuur vaak veel waarde.

Schuilplekken en water maken het verschil

Voedsel is niet het enige wat insecten nodig hebben. Ze hebben ook plekken nodig om te schuilen, te overwinteren en te nestelen. Een insectenhotel is een bekende oplossing, maar een stapel dode takken, een paar losse stenen of een stuk ongestoorde grond werken minstens zo goed. Veel wilde bijen, zoals de zandbij, nestelen liever in kale of zandige stukjes grond dan in een houten kast. Hommels zoeken naar verlaten muizenholen of lage begroeiing. Laat een hoekje van de tuin dus wat wilder en raak niet alles aan het einde van het seizoen op. Gevallen bladeren en dood plantenmateriaal zijn voor veel insecten een schuilplaats in de winter. Een ondiepe schaal met water en wat steentjes erin biedt insecten ook de kans om te drinken zonder te verdrinken. Kleine aanpassingen, groot resultaat.

Minder tegels, meer leven

Een tuin vol bestrating biedt vrijwel niets voor insecten. Hoe meer tegels er liggen, hoe minder ruimte er is voor bloemen, kruiden en planten. Het weghalen van een paar tegels en die vervangen door een bloemenbed of een grasperk met klavertje en madeliefjes maakt al een zichtbaar verschil. Een grasmat die af en toe wat langer mag groeien trekt meer soorten aan dan een strak gemaaid gazon. Stadstuinen en balkons tellen ook mee. Wie geen tuin heeft, kan in bakken of kistjes bloeiende planten zetten op het balkon of voor het raam. Zelfs in een kleine ruimte is het mogelijk om bij te dragen aan een betere leefomgeving voor vliegende en kruipende beestjes. De natuur heeft geen grote tuinen nodig, maar wel veel kleine plekjes verspreid door de buurt.

Veelgestelde vragen

Welke bloemen zijn het beste voor bijen en vlinders?
Bijen en vlinders zijn het meest geholpen met open, enkelvoudige bloemen zoals lavendel, klaproos, korenbloem, wilde marjolein en zonnebloem. Deze bloemen zijn makkelijk te bereiken en bevatten veel nectar en stuifmeel. Gevulde of sterk gekweekte bloemen zijn voor insecten veel minder aantrekkelijk.

Hoe weet ik of een plant biologisch is?
Een biologisch geteelde plant herkent je aan een keurmerk op het label of de verpakking, zoals het EKO keurmerk of het Europese biologische keurmerk. Planten met zo’n keurmerk zijn geteeld zonder chemische bestrijdingsmiddelen, wat beter is voor bijen en andere nuttige insecten.

Moet ik een insectenhotel kopen om insecten te helpen?
Een insectenhotel is niet verplicht om insecten te helpen. Veel soorten nestelen liever in een stuk ongestoorde grond, een stapel takken of een droge stenen muur. Een insectenhotel kan wel nuttig zijn als je weinig ruimte hebt, maar zorg dan dat het gemaakt is van natuurlijke materialen en op een zonnige, beschutte plek hangt.

Is het erg als ik de tuin pas in het voorjaar opruim?
Het is juist beter om de tuin laat op te ruimen. Veel insecten overwinteren in dood plantenmateriaal, gevallen bladeren of holle stengels. Wie de tuin pas opruimt als de vorst echt voorbij is, geeft deze dieren de kans om de winter goed door te komen.

Scroll naar boven